Sterren

Dit voelt als vakantie voor André van Duin

André van Duin heeft weer enorm genoten van zijn vaartripjes met Janny van der Heijden voor het tweede seizoen van Denkend aan Holland. “Het zijn dan wel opnames voor een tv-programma maar het voelt helemaal niet als werk”, vertelt de presentator aan BuzzE.

Misschien was het wel extra fijn om er even tussenuit te gaan tijdens de coronacrisis, al bracht het ook diverse uitdagingen met zich mee. “Het was wel moeilijk. Als je met z’n allen op een bootje zit ga je al snel over die anderhalve meter. En zo’n boot schommelt ook natuurlijk. Dus dat was wel even een dingetje”, lacht hij. “Maar het is heel leuk geworden.”

Met Janny varend door het land voelde een beetje als vakantie. “Je doet eens een glaasje wijn, een babbeltje met een pastoor of helpt met druiven plukken. Het is gewoon een dagje uit, meestal met mooi weer. Heerlijk.”

Nergens problemen

Veel hoefde er niet gewijzigd te worden aan het concept. André en Janny ontdekken voor de tweede serie opnieuw delen van Nederland vanaf het water. Wel werd een iets grotere boot ingezet als vorig jaar en aan land kon overal genoeg afstand worden bewaard. “We zijn in kassen geweest, bij visafslagen, een schietvereniging, dat ging allemaal goed. Nergens problemen”, aldus André. “De kijker gaat er niets van merken.”

De presentator hoopt dat de kijker die dit jaar waarschijnlijk grotendeels vakantie in eigen land viert, ideeën opdoet voor een tripje. André en Janny laten onder meer delen van Friesland, Limburg en de Loosdrechtse Plassen zien.

Gezellig

Er blijft echter genoeg over voor nog een serie. “Oh ja, zeker. Er is nog zoveel”, zegt André. ” Als we het willen denk ik dat we nog wel een paar jaar door kunnen. Het is leuk om te doen en leuk om naar te kijken. Er gebeurt eigenlijk niet zoveel – je zit gewoon een halfuur te kijken en denkt: ‘goh gezellig’ – maar je brengt mensen wel op een idee.”

De eerste aflevering van Denkend aan Holland is maandag op televisie bij Omroep MAX.